Interne bestuurdersaansprakelijkheid, wanneer is een bestuurder aansprakelijk binnen de vennootschap?

interne bestuurdersaansprakelijkheid

Interne bestuurdersaansprakelijkheid is een belangrijk juridisch concept dat bestuurders bewust maakt van hun verantwoordelijkheden binnen een vennootschap. Het houdt in dat een bestuurder onder bepaalde omstandigheden persoonlijk aansprakelijk kan worden gesteld door de vennootschap zelf voor schade die is ontstaan door onbehoorlijk bestuur.

Voor zowel bestuurders als aandeelhouders is dit een relevant onderwerp: bestuurders moeten hun taken zorgvuldig en met beleid uitvoeren, terwijl aandeelhouders belang hebben bij goed bestuur ter bescherming van hun investering.

Een belangrijk onderscheid moet worden gemaakt tussen interne en externe bestuurdersaansprakelijkheid. Interne aansprakelijkheid betreft de verhouding tussen de bestuurder en de vennootschap, terwijl externe aansprakelijkheid ziet op de relatie met derden, zoals schuldeisers of de Belastingdienst.

Wat is interne bestuurdersaansprakelijkheid?

Interne bestuurdersaansprakelijkheid is geregeld in artikel 2:9 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Volgens deze bepaling is een bestuurder tegenover de vennootschap aansprakelijk indien hij zijn taak onbehoorlijk heeft vervuld én hem daarvan een ernstig verwijt kan worden gemaakt.

Het gaat hier dus niet om aansprakelijkheid tegenover derden, maar tegenover de vennootschap zelf, bijvoorbeeld wanneer door slecht bestuur schade ontstaat binnen de organisatie.

Wanneer is er sprake van onbehoorlijk bestuur?

Onbehoorlijk bestuur wordt aangenomen wanneer bestuurshandelingen niet als zorgvuldig of redelijk kunnen worden gerechtvaardigd. Denk aan het negeren van wettelijke verplichtingen, het nemen van onverantwoorde financiële risico’s of het structureel niet naleven van interne procedures.

De rechter kijkt hierbij of sprake is van ernstige verwijtbaarheid. Alleen bij een ernstig verwijt kan aansprakelijkheid worden aangenomen. Het gaat dus niet om gewone fouten of slechte zakelijke beslissingen, maar om gedragingen die buiten de bandbreedte van verantwoord bestuur vallen.

Juridische toetsing van bestuurdersgedrag

De rechter toetst bestuurdersgedrag aan de hand van de ‘ernstig verwijt’-maatstaf. Daarbij wordt rekening gehouden met de beleidsvrijheid die bestuurders hebben.

Er is veel rechtspraak op dit gebied. Een voorbeeld is wanneer een bestuurder de statutaire verplichtingen van de vennootschap negeert, zoals het ontbreken van goedkeuring van de algemene vergadering bij belangrijke besluiten. Ook structurele nalatigheid in de financiële administratie kan leiden tot interne aansprakelijkheid.

Verschil met externe bestuurdersaansprakelijkheid

Het onderscheid is van essentieel belang:

  • Interne aansprakelijkheid: de bestuurder is aansprakelijk tegenover de vennootschap zelf.
  • Externe aansprakelijkheid: de bestuurder is aansprakelijk tegenover derden, zoals schuldeisers, de Belastingdienst of andere externe partijen. Dit kan bijvoorbeeld spelen bij faillissement of bij benadeling van schuldeisers.

Aansprakelijkheid bij taakverdeling binnen het bestuur

Hoewel binnen het bestuur vaak sprake is van taakverdeling, blijft de collectieve verantwoordelijkheid van kracht. Dit betekent dat alle bestuurders gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het beleid, ook als één bestuurder zich primair met een bepaald onderdeel bezighoudt.

Een bestuurder kan toch persoonlijk verantwoordelijk worden gehouden als hij van misstanden wist of had moeten weten, maar onvoldoende actie ondernam. Passiviteit is dus geen verdediging bij ernstig verwijtbaar gedrag van collega-bestuurders.

Rol van de algemene vergadering van aandeelhouders (AVA)

De AVA speelt een belangrijke rol in de interne governance van de vennootschap. In geval van schade door onbehoorlijk bestuur kan de AVA besluiten om de bestuurder aansprakelijk te stellen.

Daarnaast is er een spanningsveld mogelijk tussen aandeelhouders en het bestuur, bijvoorbeeld bij strategische meningsverschillen. Toch blijft de AVA een belangrijk orgaan in het beoordelen van bestuurdersgedrag, vooral bij conflicten of twijfel over het gevoerde beleid.

Mogelijkheden om aansprakelijkheid te beperken

Bestuurders kunnen hun risico op interne aansprakelijkheid beperken door transparant te handelen en interne processen goed te documenteren. Denk aan het zorgvuldig vastleggen van besluiten in notulen en het volgen van formele besluitvormingsprocedures.

Daarnaast biedt een D&O-verzekering (bestuurders- en commissarissenverzekering) bescherming tegen de financiële gevolgen van aansprakelijkstelling. Ook kan in de statuten een vrijwaring voor bepaalde vormen van aansprakelijkheid worden opgenomen.

Wanneer juridisch advies inschakelen?

Bij twijfel over een bestuursbesluit of bij signalen dat aansprakelijkheid dreigt, is het verstandig om tijdig juridisch advies in te winnen. Dit helpt om conflicten te voorkomen en het handelen van bestuurders op voorhand juridisch te toetsen. Proactief juridisch advies kan het verschil maken tussen adequaat bestuur en een kostbare aansprakelijkstelling achteraf. Heb je verder nog vragen? Neem dan vrijblijvend contact met ons op, we helpen je graag.

Geschreven door
mr. Jack Smit

mr. Jack Smit

Advocaat en partner bij Smit & Smit Advocaten

Gespecialiseerd in arbeidsrecht, contracten- en verbintenissenrecht, bouwrecht en ondernemingsrecht. Met bijna 20 jaar ervaring staat mr. Smit zowel werkgevers als werknemers bij in arbeidsrechtelijke kwesties en adviseert hij ondernemingen over contractuele en bouwrechtelijke vraagstukken.
Afspraak maken Neem vrijblijvend contact op